Fietstochten in Nederland - Specifieke Nederlandse omstandigheden

 
Nederland is voor een belangrijk deel een groot deltagebied. De grote rivieren Waal, Maas en IJssel, maar ook kleinere rivieren zoals de Eem, de Utrechtse Vecht en de Overijsselse Vecht, het Reitdiep, de Dokkumer Ee, de Tjonger en de Linde stroomden van oudsher wijd vertakt direct of via een van de grote rivieren de Noordzee of de Zuiderzee in. De zee stroomde tweemaal per etmaal de riviergeulen in, ver landinwaarts.

In de loop van vele eeuwen is het deltagebied door de bewoners meer en meer ingedamd. Langs de rivieren zijn rivierdijken aangebracht. Polders zijn aangelegd. Met de bouw van de Afsluitdijk en de Deltawerken in de twintigste eeuw kan de zee op het ogenblik nog maar op enkele plaatsen vrij het land instromen. Een groot aantal watergemalen en spuisluizen zorgt ervoor dat overtollig regenwater via de rivieren naar zee wordt afgevoerd. Schutsluizen houden waar nodig het water tegen, maar geven scheepvaart wel de mogelijkheid van de vaarwateren gebruik te maken.

Nederland is en blijft een land waar 'water' strak gereguleerd en beheerd moet worden. Zowel de zeedijken als de rivierdijken in combinatie met de watergemalen en sluizen zorgen ervoor dat Nederland met bevolking, goederen en gronden 'boven water' en in een voldoende mate droog blijft. Daarentegen worden te droge omstandigheden zoveel als mogelijk tegen gegaan.

De specifieke Nederlandse omstandigheden geven fietsers (evenals watersporters) veel mogelijkheden om het laaggelegen Nederland op een prettige manier te ervaren. Voor fietsers vormen de rivieren, riviertjes, vaarten, grachten en meren een bruikbare leidraad voor fietstochten. De dijken en kades die 'water' inkaderen blijken bij uitstek bruikbare richtsnoeren te zijn voor fietsroutes in het waterrijke Nederland. Daar waar 'water' een barrière zou kunnen vormen zijn er de talrijke pontveren en voet- en fietsveren die fietsers juist extra mogelijkheden bieden.





De dijken en kades zijn onder meer aantrekkelijk voor fietsers omdat fietsers voortdurend een afwisselend zicht-rondom hebben; zowel buitendijks als binnendijks. Fietsers bewegen zich op de wat hoger gelegen fietswegen in een panoramische omgeving met een grote verscheidenheid aan bewoonde en gecultiveerde landschappen die afgewisseld worden met meer natuurlijke landschappen. 

Deze tekst is vorm gegeven aan de hand van een aantal voorbeelden en bevat geen complete fietsroutes of dergelijke. Het is bruikbare informatie voor bijvoorbeeld fietsers die een meerdaagse fietstocht of een dagtocht voorbereiden. Het afsluitende onderdeel belicht kort het routeboekje 'Turfroute per Fiets'. In dit boekje staan (nieuwe) fietsroutes voor meerdaagse tochten in een 'voormalig turfgebied' gelegen tussen de Friese meren en de Weerribben. 

Sterke dijken, ruimte voor de rivier en aandacht voor natuur en landschap
Alle aandacht werd en wordt in Nederland geschonken aan de bescherming van de bevolking en de grond die ze gebruiken tegen het water. De bewoners van het rivierengebied moeten goed beschermd worden tegen overstromingen door hoge rivierstanden al dan niet in combinatie met hoge waterstanden van het zeewater. Aangelegde dijken dienen hoog en sterk genoeg zijn. De rivieren en andere waterlopen zullen het overtollige regen- en smeltwater vanuit aangrenzende landen en vanuit Nederland zonder problemen moeten kunnen afvoeren.

In een maatschappij waarin vervoer en transport als één van de peilers van de economie gezien kan worden, zullen de transportmogelijkheden die de grote rivieren bieden, zoveel als mogelijk benut dienen te worden. Scheepvaart voor transport van een scala aan grondstoffen en producten is en blijft in de toekomst belangrijk.
Bij de vormgeving en uitwerking van de huidige plannen met betrekking tot waterbeheer worden nu andere invalshoeken gekozen en andere functies meer gewicht toegekend dan pakweg veertig jaar geleden.'Ruimte voor de rivier' is één van de gekozen invalshoeken in de afgelopen decennia. Door de rivier meer ruimte te geven zal de veiligheid voor de bewoners van het rivierengebied verhoogd worden. De rivier kan gemakkelijker grote hoeveelheden water afvoeren naar zee, waarmee overstromingsgevaar beperkt wordt. Sterke dijken blijven op de meeste plaatsen nog steeds van groot belang.

Worden de projecten uitgevoerd en fietsers fietsen langs een traject dat onder handen wordt genomen dan is duidelijk te zien dat het een en ander ingrijpend wordt aangepakt. De dijken worden verbreed en verhoogd en soms gedeeltelijk verlegd. Geulen worden gegraven. Veelal zijn deelprojecten voor natuur- en landschapsbouw belangrijke peilers van de projecten. Na verloop van tijd worden de effecten van de natuur- en landschapsontwikkeling pas goed zichtbaar. De recreatieve functies van de gebieden worden waar mogelijk meer en meer benadrukt.

Op de vier onderstaande foto's is het dijkversterkingsproject bij Lexmond in het kort aangegeven. Bij de eerste foto ligt de nadruk op de dijkversterking zelf. Op de twee volgende foto's staan de uiterwaarden met de hoogwater geul centraal. De vierde foto geeft een beeld van het gebied zoals dat na verloop van tijd eruit is komen te zien. Deze foto is in de tegengestelde richting, vanaf het plaatsje Lexmond genomen.
 













Fietsers en de dijken van de grote rivieren 
De dijken van de grote rivieren in Nederland waren en zijn belangrijk voor het fietsverkeer. Ze vormen essentiële schakels om van A naar B te fietsen. De afgelopen decennia vindt een toenemend gebruik van de rivierdijken voor het recreatieve fietsverkeer plaats. De dijken zijn voor veel fietsers een geliefd onderdeel van een fietstochtje van enkele uren of langer. Meerdaagse fietstochten in Nederland kunnen veelal niet zonder een groot aantal kilometers over dijken van de grote rivieren af te leggen.

Een aantal dijktrajecten zijn aangepast voor het fietsverkeer. Er zijn nog steeds een aanzienlijk aantal trajecten zonder vergaande aanpassingen en met een vrij intensief gemotoriseerd verkeer. Naast de talrijke auto's rijden motorfietsen, vrachtwagens, bussen en landbouwvoertuigen over de dijken. Op trajecten waar gemotoriseerd verkeer is toegestaan, is het voor fietsers nog steeds belangrijk en noodzakelijk om met dit snelle en zware verkeer rekening te houden.
 
Veel dijktrajecten zijn de afgelopen decennia fietsvriendelijker gemaakt. Bij de projecten voor versterking van de dijken is het gebruik door gemotoriseerd verkeer veelal teruggedrongen en is het gebruik door fietsverkeer gestimuleerd.
Drie varianten zijn in de loop der tijd te onderscheiden.
  • Een groot aantal dijkgedeelten zijn ingericht voor het gebruik door fietsers en voetgangers, terwijl dergelijke dijktrajecten verboden zijn voor gemotoriseerd verkeer. De voorbeelden zijn talrijk. Het betreft een groot aantal kilometers aan fietspaden op de dijken langs vooral de Waal en Merwede, de Maas en de IJssel. Op onderstaande foto is het fietspad over de dijk langs de Waal bij Waardenburg te zien. Tussen de dijk en de rivier bevindt zich een groot natuurgebied in de Rijnswaard.



    • Op veel dijktrajecten langs de Lek en de Neder-Rijn zijn maatregelen genomen om het gemotoriseerde verkeer te beperken en te reguleren en fietsers meer ruimte te geven. Veelal is een gekleurde fietsstrook aan beide zijden op het wegdek aangebracht. De officiële maximum snelheid voor gemotoriseerd verkeer is beperkt. Op onderstaande foto zijn de prachtige vergezichten naar Amerongen op de flanken van de Utrechtse Heuvelrug te zien. De fietsers fietsen op de dijk met fietsstrook van de Nederrijn, enkele kilometers oostelijk van Maurik.



    • De derde benadering is het scheiden van het fietsverkeer en het gemotoriseerd verkeer op de dijk. Een afzonderlijk fietspad wordt veelal buitendijks, onderaan de dijk aangelegd. Dit resulteert in een fietspad dat vlak langs de rivier en de uiterwaarden loopt. Het fietspad is in feite onderdeel van de voet van de dijk. Bij hoge waterstanden kan het gebeuren dat het het fietspad onder water komt te staan. Dit ongemak is veelal van beperkte duur. Op onderstaande foto is het mooie fietspad tussen Boven-Hardinxveld en Gorinchem weergegeven. Het fietspad loopt gedeeltelijk vlak langs de rivier de Boven-Merwede en gedeeltelijk langs natuurgebieden in de uiterwaarden.




    Een scala aan dijken en kades voor fietsers
    De dijken langs de grote rivieren in Nederland zijn belangrijk voor het fietsverkeer. Ze vormen echter maar een klein gedeelte van het aantal kilometers aan fietswegen in het waterrijke Nederland. Vele honderden kilometers aan fietspaden en fietswegen bevinden zich op de dijken en kades langs kleine rivieren, kanalen, vaarten, grachten en langs meren. De verscheidenheid is groot. Hieronder volgen enkele voorbeelden.

    Langs de grachten in de Wieden en Weerribben
    De Wieden en de Weerribben zijn bekend van de mooie waterwegen voor vooral kleinere boten. Het gebied is ook bijzonder om zijn fietsroutes. Een groot aantal fietspaden bevinden zich vlak langs de grachten. Op een aantal plaatsen liggen de smalle voet- en fietspaden tussen de huizen en boerderijen en het water in. Met de fiets worden ontelbare bruggetjes gepasseerd over de vele dwarsvaarten. Op de onderstaande foto's is het fietspad langs de Kalenbergergracht bij Ossenzijl te zien.








    Vele kilometers fietspad langs kanalen en vaarten
    Nederland kent een groot aantal kanalen en vaarten. Langs veel van deze waterwegen ligt een fietspad. Aan één kant of aan beide kanten. Soms moet na een aantal kilometers via een brug van walkant gewisseld worden. Veelal betekent het fietspad de kortste route van A naar B. Tevens zijn het niet zelden buitengewoon mooie en prettige fietsroutes. Op de onderstaande foto's zijn slechts twee voorbeelden gegeven. Op de eerste foto gaat het om het fietspad langs het kanaal tussen Ossenzijl en Steenwijk. Op de twee foto's daaronder is het fietspad langs het Merwedekanaal tussen Gorinchem en Arkel te zien; in winterse omstandigheden en in de lente. Langs het gehele kanaal tussen Gorinchem en Vianen loopt een fietsroute langs de waterkant. Deze is gedeeltelijk autovrij.









    Fietswegen en -paden langs kleinere rivieren
    Naast de fietswegen langs de grote rivieren zijn er een groot aantal kleinere rivieren met fietswegen en fietspaden op de oevers. De voorbeelden zijn ontelbaar bijna. Drie voorbeelden hier. Op de eerste foto is de fietsweg langs de Linde tussen Ossenzijl en de Driewegsluis weergegeven. Op de tweede foto gaat het om de fietsroute langs de Utrechtse Vecht. Op de derde foto staat de fietsroute langs de Linge centraal. Grotendeels vanaf de dijken is deze niet zo grote rivier en haar oeverlanden met  boomgaarden te beleven. 












    Rondom de meren
    Het grootste meer van Nederland is het IJsselmeer met het Markermeer. Op een aantal trajecten ligt een fietsroute op de oever langs het water zoals bij Andijk, Durgerdam en Muiderberg in Noord-Holland. Op een aantal trajecten liggen de fietsroutes verder weg van van het grote water. Op andere plaatsen is de fietsroute vlak achter de dijk, zoals in Friesland. Bij sterke wind betekent een route achter de dijk in deze provincie veelal beschutting. Op een enkele plaats loopt de weg naar boven en is er een uitkijkpunt over het IJsselmeer. Op de twee onderstaande foto's is op de eerste foto de beschutte fietsweg achter de dijk bij Gaast te zien. De tweede foto betreft het uitkijkpunt bij het monument op de Roode Klif, niet ver van Stavoren. Op de derde foto is het IJmeer en Almere vanaf het hoger gelegen Muiderberg te zien.






     

    De Randmeren, opgebouwd uit onder meer Drontermeer, Veluwemeer, Eemmeer en Gooimeer, zijn aan de kant van Flevoland voorzien van een doorlopende fietsroute dicht bij de waterkant. Over grote afstanden loopt een gescheiden fietspad langs, maar gescheiden van de weg voor gemotoriseerd verkeer. Het fietspad ligt veelal aan de kant van de Randmeren. Op de eerste foto is het fietspad langs het Eemmeer afgebeeld. De tweede foto geeft het uitzicht vanaf het fietspad over het Gooimeer. 

    De route aan de kant van de Veluwe is fragmentarischer opgebouwd en loopt veelal niet over langere afstanden vlak langs de Randmeren. Wel heeft de route de charmes van de oude Zuiderzeestadjes zoals Elburg, Harderwijk en Bunschoten-Spakenburg.    







    Nederland zonder veerponten en fiets- en voetveren is ondenkbaar
    De veerponten en de fiets- en voetveren waren vroeger belangrijk, en zijn dit nog steeds. In een aantal situaties vormen de bredere wateren een barrière. Soms gaat het om hindernissen die te nemen zijn met een brug of een enkele keer met een tunnel in de omgeving. Vooral voor voetgangers en fietsers verhogen veerponten hun bereik in het dagelijks leven aanzienlijk. Tijdens recreatieve fietstochten vermeerderen de veerponten het aantal mogelijkheden van de te fietsen fietsroutes. Wateren die overgestoken kunnen worden met één van de vele veerponten, komen in Nederland veelvuldig voor. Naast de grote veerponten die vooral heen en weer varen voor gemotoriseerd verkeer, is er een groot aantal voet- en fietsveren. Deze kleine veerponten maken fietstochten in Nederland nog aantrekkelijker.

    De voet- en fietsveren geven fietstochten in Nederland vaak iets bijzonders. Maak een fietstocht met een overtocht met een voet- en fietsveer. Een van de momenten van de fietstocht die niet snel vergeten zal worden is de overtocht met het veerpontje.
    Op onderstaande foto vaart het voet- en fietsveer 'de Veluwerand' van Polsmaten bij Nunspeet naar Biddinghuizen aan de overkant van het Veluwemeer. Op de volgende foto is het voet- en fietsveer over de IJssel tussen Rheden en Lathum afgebeeld.   





    Opmerkelijk is de ontwikkeling dat er meer voet- en fietsveren komen die niet alleen via de kortste route tussen de oevers van de rivier heen en weer varen, maar de rivier een aantal kilometers stroomopwaarts en stroomafwaarts varen. Met als resultaat interessante nieuwe verbindingen voor onder meer fietsers.
    Enkele voorbeelden zijn:
    *    Veerdienst Gorinchem-Boven-Hardinxveld-Werkendam-Sleeuwijk-Gorinchem
    *    Veerdienst Gorinchem-Woudrichem-Loevestein-Vuren-Gorinchem
    *    Veerdienst de Liniepont, Everdingen (zie onderstaande foto)
    *    De Maashopper in Limburg





    Het voorbeeld van de veerdienst Gorinchem is opmerkelijk. De veerverbinding tussen Gorinchem en Woudrichem bestaat al lang. Een aantal veerdiensten zijn toegevoegd en met elkaar verbonden. Op één van de drukst bevaren gedeelten van de Nederlandse rivieren wordt op het ogenblik een uitgebreid netwerk van fiets- en voetveren onderhouden. Gedeeltelijk wordt dit gedaan door gebruik te maken van enkele snelvarende veerboten.







    Naast het beperkte aantal veerdiensten over grotere wateren zoals over het IJsselmeer tussen Stavoren en Enkhuizen zijn de voet- en fietsveren over de kleinere wateren zeer talrijk. Dit geldt vooral alsook de zelfbedieningspontjes meegeteld worden. Deze pontjes liggen aan rustige watertjes op punten zonder intensief scheepvaartverkeer en zonder druk fiets- en voetgangersverkeer. De gebruikers kunnen het pontje eenvoudig zelf bedienen om naar de andere kant te komen.

    Op onderstaande foto's het pontje tussen Nij Beets en Tijnje in Friesland en het pontje in de uiterwaarden bij Everdingen aan de Lek. Het tweede voorbeeld is van recente datum. Recreanten in de uiterwaarden kunnen er gebruik van maken.








    Lokale, regionale en landelijke fietsroutes
    De afgelopen decennia is extra aandacht besteed aan lokale en regionale fietsroutes langs het water met als resultaat dat er voor fietsers veelal veel mogelijkheden zijn om van de waterrijke omgeving te genieten. Ze kunnen gebruik maken van fietsroutes die verkeersarm of verboden zijn voor gemotoriseerd verkeer. Doorgaande landelijke fietsroutes zijn gecombineerd met de meer lokale en regionale fietsroutes en bieden een uitgebreid netwerk aan fietsmogelijkheden. Zie voor uitgebreide informatie over de LF-routes en het regionale netwerk van fietsknooppunten bijvoorbeeld de website 'Nederland Fietsland'. Op deze website en andere vergelijkbare websites is het ook mogelijk zelf een fietsroute te plannen.

    In een aantal regio's in Nederland met aantrekkelijke fietsroutes én met een aantal veerponten voor fietsers zijn speciale fietsroutes uitgezet die gebruik maken van de fietsveren in de omgeving. De fietsveren worden met elkaar verbonden via mooie fietsroutes.



    Inmiddels is vrijwel geheel Nederland opgenomen in een dicht en uitgebreid netwerk met fietsknooppunten. Veel van de knooppunten bevinden zich aan de rivieren, vaarten en kanalen. De voet- en fietsveren en de grotere veerponten liggen op een traject in de route van het netwerk of maken zelf deel uit van een knooppunt in het netwerk van routes. Veelal zijn het belangrijke knooppunten. Op de bovenstaande foto is het fietsknooppunt bij de veerpont van Bronckhorst over de IIssel afgebeeld. Op de onderstaande foto is de vermelding dat "knooppunt 14" in de winterperiode niet bereikbaar is, belangrijke informatie. Het voet- en fietsveer tussen Ameide en Lopik vaart uitsluitend tijdens een lang zomerseizoen.



    Voor een aanzienlijk aantal voet- en fietsveren geldt wel een belangrijke beperking. Een aantal pontjes vaart seizoensgebonden. Veelal gaat het om een lang seizoen dat loopt van april/mei tot september/oktober.
    Buiten dit lange vaarseizoen varen de seizoensgebonden pontjes niet. Fietsers die niet precies op de hoogte zijn van de vaartijden van de in een fietstocht opgenomen voet- en fietsveer doen er verstandig aan zich op de hoogte te stellen van de vaartijden. Dit kan met behulp van de website 'Vrienden voor de Voetveren'. Deze website geeft een handzaam en compleet overzicht van de grote en kleine veerponten (inclusief de zelfbedieningspontjes) in Nederland met informatie over de locaties en de vaartijden.  

    Turfroute per Fiets
    Het gebied van De Turfroute in Zuidoost- en Zuid-Friesland sluit geografisch gezien aan op het Friese Merengebied in Friesland en het Nationaal Park De Weerribben in de kop van Overijssel. Het ligt voor een belangrijk deel aan de rand van de Friese Wouden. De regio biedt goede mogelijkheden voor meerdaagse fietstochten. Tijdens de tochten fietst men langs de riviertjes de Boorne, Tjonger en Linde en langs onder meer de Opsterlandse Compagnonsvaart en het Tjongerkanaal. Bekende plaatsen die gepasseerd worden zijn Heerenveen, Akkrum, Gorredijk, Oosterwolde en Wolvega. 

    Fietstochten in het gebied zijn beschreven in het boekje 'Turfroute per Fiets'. Zie voor meer informatie de desbetreffende pagina op deze website.



     ___________________________ © hn - 2013 en november 2017 _______________________________
    Tracking-ID UA-74183027-1